Wat te doen bij een lekke band onderweg? Zet je auto zo veilig mogelijk stil, blijf uit de gevarenzone en controleer daarna pas welke oplossing mogelijk is. Je kunt soms zelf het wiel vervangen of een bandenreparatieset gebruiken. In andere gevallen is hulp inschakelen de veiligste keuze.
Een lekke band merk je niet altijd meteen. Soms hoor je een tik of een zacht fluitend geluid. Je auto kan ook naar één kant trekken of zwaarder sturen. Rijd dan niet zomaar door. Hoe langer je met een beschadigde band rijdt, hoe groter de kans op schade aan de band, de velg of de auto.
Breng jezelf eerst in veiligheid
Voel je tijdens het rijden dat er iets mis is met een band? Laat het gas rustig los en houd het stuur stevig met beide handen vast. Rem niet plotseling hard en maak geen scherpe stuurbeweging. Probeer de auto geleidelijk naar een veilige plek te sturen.
Een vluchtstrook, parkeerplaats of brede berm is meestal geschikter dan stilstaan op de rijbaan. Kies, als dat kan, een plek met voldoende afstand tot het verkeer. Zet de auto recht en trek de handrem aan. Schakel de motor uit en zet de alarmlichten aan.
Stap alleen uit als dat veilig kan. Op een drukke weg of snelweg is de ruimte naast de auto beperkt. Ga niet tussen je auto en het voorbijrijdende verkeer staan. Verlaat de auto alleen wanneer je veilig weg kunt komen en volg daarbij de aanwijzingen die voor jouw situatie gelden.
Controleer wat er met de band aan de hand is
Kijk vanaf een veilige positie of je duidelijk ziet wat er is gebeurd. Misschien zit er een voorwerp in het loopvlak, is de band zichtbaar slap of is een deel van de band losgeraakt. Raak beschadigde onderdelen niet onnodig aan.
Controleer ook of er waarschuwingslampjes op het dashboard branden. Een bandenspanningscontrolesysteem kan aangeven dat de spanning te laag is, maar zo’n melding vertelt niet altijd precies wat de oorzaak is. Een band kan bijvoorbeeld langzaam leeglopen door een gaatje of een probleem bij het ventiel.
Wil je problemen eerder opmerken? Controleer de bandenspanning regelmatig wanneer de banden koud zijn. In onze uitleg over het controleren van de bandenspanning lees je waar je op let en hoe je dit aanpakt.
Rijd niet door met een lege band
Een auto met een lege of zwaar beschadigde band kun je beter niet verder rijden. Zelfs een korte afstand kan de binnenkant van de band beschadigen. Ook de velg kan vervormen wanneer die rechtstreeks over het wegdek rolt.
Een zogenaamde runflatband vormt een uitzondering, maar ook daarmee mag je niet onbeperkt blijven rijden. Of je met zo’n band nog verder kunt, hangt af van het type band en de voorschriften van de fabrikant. Kijk daarom in de handleiding van je auto of neem contact op met pechhulp.
Twijfel je over de schade? Kies dan voor de veilige optie en vraag hulp. Een lekke band is vervelend, maar een ongeval door doorrijden kan veel ernstiger gevolgen hebben.
Een wiel vervangen met een reservewiel
Heeft je auto een reservewiel en wil je het wiel zelf vervangen? Doe dit alleen op een vlakke, stevige en veilige ondergrond. Gebruik de krik nooit op een plek waar de auto kan wegzakken of rollen.
Controleer vooraf of je alle benodigde spullen hebt. Meestal gaat het om een krik, een wielsleutel en soms een borgboutadapter. Bij sommige auto’s ligt het reservewiel onder de laadvloer of onder de auto. In andere modellen ontbreekt het en is alleen een bandenreparatieset aanwezig.
- Zet de auto stil, trek de handrem aan en schakel een versnelling in of gebruik de parkeerstand.
- Haal passagiers uit de gevarenzone en pak het reservewiel en de gereedschappen.
- Draai de wielbouten voorzichtig een klein stukje los voordat je de auto opkrikt.
- Plaats de krik op het daarvoor bestemde steunpunt. De handleiding laat zien waar dit punt zit.
- Kr ik de auto alleen zover op dat het wiel vrij van de grond komt.
- Draai de bouten helemaal los en haal het beschadigde wiel eraf.
- Plaats het reservewiel en draai de bouten met de hand vast.
- Laat de auto zakken en draai de bouten kruislings vast.
Controleer na het vervangen of het reservewiel goed vastzit. Een tijdelijk reservewiel heeft vaak andere voorschriften dan een normaal wiel. De maximale snelheid en de afstand kunnen beperkt zijn. Kijk daarom altijd in de handleiding of op het wiel zelf.
In de praktijk is een wiel vervangen langs een drukke weg niet altijd verstandig. Slecht zicht, regen, een smalle vluchtstrook of passerend verkeer maken de situatie onveilig. In dat geval kun je beter pechhulp inschakelen.
Een bandenreparatieset gebruiken
Sommige auto’s hebben geen reservewiel, maar een bandenreparatieset. Zo’n set bestaat vaak uit afdichtmiddel en een kleine compressor. Daarmee kun je een klein gat in het loopvlak soms tijdelijk dichten.
Lees eerst de instructies in de set. Controleer of de beschadiging binnen de toegestane grenzen valt. Een grote scheur, een beschadigde zijwand of een band die van de velg is gelopen, kun je meestal niet met zo’n set repareren.
Gebruik de compressor volgens de aanwijzingen en controleer daarna of de band voldoende druk opbouwt. Blijft de band leeglopen of lukt het niet om druk op te bouwen? Rijd dan niet verder. De set is geen permanente reparatie. Laat de band zo snel mogelijk door een deskundige beoordelen.
Een gebruikt afdichtmiddel kan invloed hebben op de latere reparatie. Bewaar daarom de informatie over de gebruikte set en meld dit bij de bandenservice.
Wanneer je beter direct hulp inschakelt
Zelf een band vervangen klinkt eenvoudig, maar niet iedere situatie leent zich daarvoor. Schakel hulp in wanneer je auto op een gevaarlijke plek staat, je geen geschikt gereedschap hebt of je niet zeker weet hoe je de krik gebruikt.
Vraag ook hulp bij schade aan de zijkant van de band, een verbogen velg of meerdere lekke banden. Een beschadigde band kan er aan de buitenkant minder ernstig uitzien dan hij werkelijk is.
Heb je passagiers bij je, zoals kleine kinderen of iemand die slecht ter been is? Zorg dan eerst dat zij op een veilige plek zijn. Bij direct gevaar voor jou of andere weggebruikers neem je contact op met de hulpdiensten. Voor gewone pech gebruik je de pechhulp van je verzekering, garage, leasemaatschappij of andere aanbieder.
Zo voorkom je problemen onderweg
Je kunt een lekke band niet altijd voorkomen, maar goed onderhoud verkleint de kans op verrassingen. Controleer de banden op scheuren, bobbels en ongelijkmatige slijtage. Kijk ook of er voorwerpen in het profiel zitten. Verwijder een voorwerp dat vastzit niet zomaar als de band nog druk lijkt te hebben; het kan juist een lek tijdelijk afsluiten.
Controleer de bandenspanning volgens de waarden voor jouw auto. Die informatie staat vaak op een sticker in de deurstijl, bij de tankklep of in de handleiding. Gebruik niet automatisch de maximale druk die op de band staat. Dat getal heeft een andere betekenis dan de aanbevolen druk voor je auto.
Vergeet het reservewiel niet. Controleer af en toe of het aanwezig is, of de band voldoende spanning heeft en of de krik en wielsleutel nog in de auto liggen. Bij een bandenreparatieset is het verstandig om te controleren of de compressor werkt en of het afdichtmiddel niet over de houdbaarheidsdatum is.
Wat je beter niet doet
- Rijd niet door met een band die zichtbaar leeg of beschadigd is.
- Ga niet op een onveilige plek naast de auto staan.
- Gebruik de krik niet op een zachte berm of een helling.
- Leg je niet onder een auto die alleen door een krik wordt ondersteund.
- Probeer een beschadigde zijwand niet zelf met afdichtmiddel te repareren.
- Vergeet niet om na een tijdelijke reparatie de band zo snel mogelijk te laten controleren.
Na de tijdelijke oplossing
Een reservewiel of reparatieset helpt je om uit de problemen te komen, maar daarmee is het probleem nog niet definitief opgelost. Laat de beschadigde band controleren en vervangen of repareren wanneer dat verantwoord is.
Controleer na een wielwissel ook of het vervangen wiel goed vastzit. Laat de wielbouten indien nodig met het juiste aanhaalmoment controleren. Dat voorkomt dat een wiel loskomt of dat onderdelen beschadigen.
De belangrijkste regel blijft eenvoudig: zet jezelf en anderen eerst veilig, rijd niet door met een lege band en vraag hulp wanneer de situatie onveilig of onduidelijk is. Met een goede voorbereiding houd je de schade meestal beperkt en kun je sneller weer veilig verder.
